DEZE BLOG IS VERHUISD!

april 19, 2012

Vanaf april 2012 is deze mediablog onderdeel van de site van TriggerFilm. Kijk voor nieuwe bijdragen op: www.triggerfilm.nl/blog

Film vol social media: meer dan een vormdingetje

februari 27, 2012

De beste
Promotiefilms zijn inhoudelijk voorspelbaar. De boodschap luidt vaak: “wij zijn de beste”, of “kijk eens wat wij kunnen”. Geen wonder dat filmmakers zich bij promo’s vooral op de vorm storten, want daar kun je nog in variëren. Bij een overheidsfilm voor de gemeente Meppel kozen we voor een mini-speelfilm waarin de hoofdrolspelers via social media met elkaar communiceren: www.triggerfilm.nl.

Eco
De gemeente Meppel gaat een duurzame wijk bouwen en wil huizen verkopen. De opdracht: leg niet de nadruk op duurzame technieken maar op beleving voor de bewoners, zoals een comfortabel huis en lage woonlasten. Dus schreef ik een script waarin hoofdpersoon Anja Drost haar vriendin haar huis laat zien (via de webcam en Skype), verwijst naar een filmpje op YouTube en foto’s van de stad Meppel toont op Facebook.

Jip en Janneke
De keuze voor sociale media is meer dan een vormdingetje. Een handig vormdingetje ook nog, want een wethouder die op camera vertelt hoe geweldig Meppel is, of in jip-en-janneketaal uitlegt wat smart grid is zou een stuk saaier zijn. Ik ben meer een voorstander van indirect verleiden dan van directe promotietaal.

Strategisch
Bijkomend inhoudelijk voordeel van deze vorm: rond de nep-accounts van de familie Drost op Facebook en Youtube kun je een social media-strategie bouwen. Tweets en videoblogs als de bouw begint, filmpje met Maarten op het dak als de zonnepanelen worden gelegd, Anja die de eerste huizenkopers interviewt over hun keuze voor een ecowijk, verzin het maar. Je kunt de acteurs ook nog offline laten opdraven om de wijk te promoten. Bij de opening van een modelwoning bijvoorbeeld, of bij een informatiebijeenkomst voor kopers. Een filmpje is maar een filmpje; het mag leiden tot meer.

Scheld-tweets, bulldozer-tweets en strooi-tweets

januari 23, 2012

Overheidsmedewerkers twitteren steeds vaker actief met hun publiek. Reageren, niet reageren? Wanneer wel, wanneer niet? Een case van de provincie Gelderland.

Leonie Otto:”Hoe meer ruimte om te reageren, des te negatiever de boodschap”

Meer dan zenden
De provincie Gelderland zette afgelopen zomer een crossmediale strategie in om het publiek te informeren over ingrijpende wegwerkzaamheden aan de snelweg tussen Arnhem en Nijmegen. Op de presentatie van vanmiddag, georganiseerd door de netwerken Logeion en King, spitst de discussie zich toe op de inzet van Twitter. Leonie Otto (Tappan Communicatie) was projectleider social media en vindt dat het project relatief veel heeft gereageerd op volgers. Otto: “In het algemeen hebben overheidsprojecten vooral volgers, ze volgen zelf niet actief.” Het traditionele zendwerk, dus.

Pittig
Nee, dit project pakt het interactief aan. Publieksvragen op Twitter worden binnen een uur beantwoord, zeven dagen per week, van acht tot tien uur ’s avonds. Dat is pittig. Communicatiemensen van vergelijkbare infrastructuur-projecten in Utrecht en Amsterdam vragen zich verwonderd af waar de provincie de tijd en geld vandaan haalt. Het antwoord is simpel: het project rond de A325/N325 draaide maar een tweetal maanden. Bovendien,  het lijkt een vervelende klus om bij nacht en ontij op publiekstweets te reageren, maar de medewerkers kregen er ontzettend schik in. “Verslavend” is de term die valt. Wegmarkering en open asfalt, spannender dan je denkt!

Bevalling
De aard van het project lijkt me cruciaal voor de inspanning die je pleegt. Op dit Gelderse wegtraject zijn dagelijks 70.000 automobilisten onderweg, en alle 70.000 willen de wegwerkzaamheden zo veel mogelijk mijden. Met veel directe vragen en per dag wijzigende omstandigheden is Twitter een belangrijke snelle tool. En soms is de nood hoog, zoals bleek uit een vraag over een bevalling en de snelste route naar het ziekenhuis.

Karin Albers van de gemeente Arnhem  geeft een ander voorbeeld. Zij beheert de tweets over gladheidsbestrijding, ook zo’n item uit de Categorie Calamiteiten waar snelle reacties essentieel zijn. Bij hun  is de afspraak dat de nachtploeg rechtstreeks tweets plaatst over invallende vorst en strooien. De afdeling communicatie schuift pas ’s ochtends weer aan.

Gezeur
De provincie koos er in dit project voor niet te reageren op gezeur, gezeik en getreiter. Opvallend: op de eigen website, en op die van externe partijen zoals Omroep Gelderland en Arnhem Direct werd meer gekankerd dan op de Twitter-account. Hoe meer ruimte om te reageren, hoe negatiever de boodschap, vermoedt Leonie Otto. Bovendien is er op Twitter vaak sprake van zelfreiniging: klagers worden door volgers gemakkelijk ontvolgd. Ook hier is het publiek het niet eens met Otto: serieus reageren heeft wel zin en roept bijval op. Dat is niet de ervaring van de provincie Gelderland: pogingen om serieus reageren op scheldtweets gooiden alleen olie op het vuur.

Bulldozer-twitteraar
In het provincie-project waren het vooral de communicatieprofs die twitterden. Pogingen om de projectleider te laten twitteren – hij zat steeds bovenop de wegwerkzaamheden – mislukten. De persoon in kwestie moest snel schakelen en had er geen tijd voor. Andersom was er ook censuur: een loslippige wegwerker die vanaf zijn bulldozer berichten en foto’s de ether in slingerde werd via de aannemer beschaafd de mond gesnoerd. Wie social media inzet in bedrijven en organisaties heeft  altijd met die keuze te maken: regisseren of loslaten. Mijn tip: geef de betrokkenen een goede instructie en laat ze dan los.

Hoe promoot ik mijn video online?

januari 18, 2012

Jammer dat de webvideo’s die we voor bedrijven of organisaties maken het vaak niet verder schoppen dan één website. Veel van onze opdrachtgevers zijn al lang blij als hun video online staat. En blij is belangrijk. Maar je hoeft geen marketingexpert te zijn om te bedenken dat er meer te halen is, vooral met de inzet van social media. Een paar tips uit de praktijk.

1. Posten op maandag
Zorg dat de video op maandag op je website en andere kanalen is geplaatst, zodat het een springplank is voor een lancering aan het begin van de week. Zo kan het nieuws zich een week lang via-via verspreiden.

2. Zet de video ook op YouTube
Maak voor je bedrijf of organisatie een kanaal aan op YouTube en plaats je video(‘s) daar ook. De populaire video-website wordt steeds belangrijker als zoekmachine, dus gebruik dat. Zorg dat je merk goed zichtbaar is op je kanaal, dus plaats altijd een foto of logo. Zorg dat alle essentiële informatie te vinden is, zoals je website-url, en vooral: voeg aan de video trefwoorden toe. Zorg dat in titel, beschrijving en trefwoorden de termen voorkomen waarop je doelgroep informatie zoekt en zorg voor een pakkende titel. Zo wordt je gevonden.

3. Zet social media in
Promoot de video die net op je eigen website is geplaatst. Maak gebruik van het feit dat mensen graag naar bewegend beeld kijken. Volgens de Web Usability experts van Mashable lezen bezoekers maar 30% van de tekst op je site; beeld is populairder. Gebruik dus alle sociale media die je in huis hebt om de link naar je video te verspreiden. Ook al is je film geen wereldnieuws, voor je branche of netwerk is het waarschijnlijk wél nieuws! Laat je collega’s meehelpen het bericht te verspreiden.

4. Gebruik groepen en blogs
Zorg dat je lid bent van veel LinkedIn-groepen in je sector, en verspreid je video daar. Plaats onder Discussions als het informatief, nieuw of inspirerend is, en onder Promotions als het reclame is. Besteed extra aandacht aan het inseinen van key influencers: experts die veel bloggen, tweeten, discussiëren. Check de Group Statistics: zo kun je checken welke groepen het grootst zijn, of het meest gebruikt. Stem je strategie daar op af en beperk je keuze: veel mensen zitten bij meer gelijksoortige groepen. Doe hetzelfde op Twitter: sein ook daar influencers en groepen in en vraag ze expliciet het bericht te retweeten. Zorg dat je de belangrijke blogs op je vakgebied kent, volg ze (bijv. via een RSS-feed) en sein ze in over je prachtproduct.

5. Doe eens leuk
Als iemand de moeite doet om je link door te sturen en zo weer verder te promoten is een bedankje op zijn plaats. Zo houd je de relatie goed. Wees sowieso actief als je gezien en gehoord wilt worden op de sociale media-kanalen. Dus ReTweet, Vind Leuk, Reageer, etc.

6. Reserveer tijd
Bereid je voor, zodat je de promotie kunt concentreren op 1-2 dagen. Zorg dat je de dagen erna tijd reserveert om te monitoren en te reageren. Als je je een beetje boos maakt ben je er all-in al gauw een tweetal dagen mee bezig. Neem die tijd: zo haal je niet alleen het maximale uit de investering in de video, het geeft je ook extra zichtbaarheid in je netwerk. En bedenk: de contacten die je in die promotieweek opbouwt zijn ook kwalitatief goede contacten. Ze gaan je linken en volgen omdat ze je interessant vinden.

7. Denk na over een vervolg
Als het goed is, is de video al onderdeel van een communicatie-strategie. Dan heb je al nagedacht over doel, doelgroep, context, vervolg. Zo niet, denk daar over na. Was dit een losse flodder of is er een vervolg? Is er dit initiatief uit te bouwen? Monitor kijkcijfers op YouTube, nieuwe Volgers op Twitter en nieuwe Connections op LinkedIn. Wat scoorde, wat scoorde niet?

Is de bedrijfsfilm dood?

januari 9, 2012

Het woord ‘bedrijfsfilm’ valt niet vaak meer. ‘Social media’ en ’ videomarketing’, dat zijn de koffie-automaat-woorden van vandaag. Sinds YouTube er is haken we bij lange films ook sneller af. Geen nood, er is qua bedrijfspromotie meer tussen hemel en aarde. Een paar ideeën om te scoren met online video:

Vaker en korter
Je kijker zit niet langer lean-back in de congreszaal of vergaderkamer maar lean-forward voor de computer, en haakt bij een lange bedrijfsfilms af. Maak je film voor het internet niet langer dan drie minuten- dat is het afhaakmoment. Knip de informatie liever in porties en bied meerdere video’s simultaan aan. Bijkomend voordeel: de kijker kan specifieker op interessegebied zoeken. Toen de gemeente Arnhem in 2010 haar nieuwe college wilde voorstellen maakten we bij TriggerFilm niet één film, maar vijf korte portretten van de nieuwe wethouders (www.triggerfilm.nl/films/).

Social media
Korte webvideo’s lenen zich uitstekend voor promotie via social media, want je Followers en Friends kijken graag naar bewegende plaatjes. Verwijs naar je video met berichten op Twitter, Facebook en LinkedIn, en maak zo je eigen nieuws.

 

Videomarketing
YouTube is steeds meer een zoekmachine aan het worden en videomarketing is hot. Zorg dus dat je video niet alleen op je eigen website, maar ook op een (eigen) YouTube-kanaal  te vinden is. Denk aan vormen die populair zijn op YouTube, en pas ze toe in je producties:

- Review: film het oordeel van een tevreden klant
- How-to..? : laat zien hoe je product werkt.
- Emo: leg zelf uit wat uniek aan je product is, deel je passie
- Humor:  goede humor scoort (maar is moeilijk te bedenken)

 

Recyclen
Het kan nog steeds interessant zijn om een film te hebben die alle aspecten van je bedrijf bundelt, want congressen en vergaderkamers bestaan ook nog steeds. Beeldmateriaal is te recyclen, dus je kunt zowel lange als korte versies van hetzelfde materiaal maken. Bedenk goed wat je wilt voordat je een filmmaker op pad stuurt. Hoe beter het voorwerk (intake, briefing, script) des te efficiënter, goedkoper en inhoudelijk beter wordt je productie.

Samenhang
Vermijd losse flodders in je communicatie, zorg voor samenhang. Bij een zzp-er past een persoonlijke presentatie. Maak je webteksten persoonlijk, zorg dat je zelf te zien bent op foto’s, blog, en treed zelf op in video’s. Een middelgroot MKB-bedrijf dat isolatiefolie verkoopt heeft weer meer baat bij How-to?-video’s en getuigenissen van klanten.

Gepruts
Ga niet te veel zelf prutsen, de kijker is zo verwend. En: een mooie strakke video hoeft niet enorm veel te kosten en levert veel belangstelling op. Bewegend beeld is het transparanter, oprechter, en persoonlijker dan tekst. Bovendien: je publiek neemt vaak de rust niet meer om iets te lezen. De video past in de huidige trend van persoonlijk zakendoen , beleving, zingeving en samenwerking.

Help!
Veel ondernemers leiden, met alle respect, een beetje aan bedrijfsblindheid. Gebruik de kennis van deskundige buitenstaanders op het gebied van beeldvorming. Praat dus gewoon eens vrijblijvend met professionele filmmakers. Als ze goed zijn, hebben ze vaak ideeën waar je zelf nog nooit eerder aan had gedacht. En laat je bedrijf scannen op nieuwswaarde van je onderwerpen/producten. Dat leidt tot meer hits; nieuws is nog altijd nieuws.

Wat zet ik op het visitekaartje? Social Media? Skype?

oktober 6, 2011


De tekst voor je visitekaartje was tot voorheen een eitje. Mail, telefoon, website, het bekende werk. Nu ik zelf ook aan nieuwe kaartjes toe ben, bekruipt de twijfel. Skype-adres? Twitternaam? Wel of niet mail?

Efficiënter
Je denkt, ze zijn bij de Communicatiekringen van Arnhem en Nijmegen wel wat gewend op het gebied van social media. Maar op ons jaarlijkse zomercollege vielen de monden toch even open toen spreker Bas van de Haterd (die zich op LinkedIn afficheert als ‘professioneel bemoeial’) een pleidooi hield tegen het gebruik van mail-verkeer op de werkvloer. Het is een aanpak die bekendheid kreeg dankzij Kim Spinder, uitgeroepen tot Meest Invloedrijke Persoon bij de Lokale Overheid 2010 (dat lijkt me overigens een mooi streven: ergens Meest Invloedrijke Persoon worden…). Het argument: mail bereikt alleen de geadresseerde(n), sociale media doen dat ook, maar maken informatie ook beschikbaar voor anderen. De winst: 2 uur per dag, volgens Kim. Hoe meer we over the cloud communiceren, hoe meer we daar kennis kunt delen. Denk maar eens aan al die bijlagen die heen en weer gemaild worden. Verbied als bedrijf/organisatie documenten bij te sluiten en zet ze bijv. in Dropbox. Dan staan alle documenten centraal opgeslagen, zonder een intranet op te zetten.

Oldschool
Hoe zou het leven zijn zonder email? De early adopters doen het al. Ik zocht het mailadres van trainer Anja Feijen, die dezelfde avond ook een presentatie gaf, om met haar te linken op LinkedIn. Mooi niet, geen mail te vinden. LinkedIn is nog niet op deze Nieuwe Werken- trend ingesprongen, want die vraagt bij diverse link-categoriën (Friend/Other/I don’t know..) om een emailadres. #Oldschool! Toch durf ik nog niet aan, het mailadres weglaten. Het lijkt me een interessant experiment, mits je goed thuis bent in diverse sociale media-kanalen. Dankzij het zomercollege weet ik nu beter hoe Google Reader werkt (webinfo bundelen), wat je kunt met Delicious (favorieten delen) en Yammer (Twitteren binnen bedrijven en clubjes).

Wat dan wel?
Skype komt er in ieder geval op bij mij. Ik begin steeds vaker te skypen omdat het een goed alternatief is voor bilateraal overleg. Moet je wel beide een webcam hebben. Het voordeel van live bellen en iemand in de ogen kijken is groot, en je bespaart veel reistijd en CO2-uitstoot. Ook kun je via Skype zien of iemand op zijn plek zit. Kijk maar eens in het uitklapmenu bij het groene Status-icoon, linksboven in het scherm. Wat jammer genoeg niet kan is videobellen met een groep. Je kunt wel telefonisch vergaderen, maar dan zonder video.
Verder kies ik voor de iconen van een aantal sociale media. Alle links en urls opsommen neemt veel plek in en is niet nodig: op naam kun je immers bijna iedereen vinden (netwerktip: zorg dat je bij alle kanalen dezelfde foto en eigen- of bedrijfsnaam gebruikt). De ontvanger van het visitekaartje hoeft dus alleen maar te weten op welke kanalen je zit. Kies voor de kanalen die zakelijk interessant zijn en die je zelf frequent gebruikt, en zet ze als icoon op je kaartje.

Mijn keuze
Wel: Skype, Twitter, LinkedIn en Facebook (ja, Facebook wordt zakelijk steeds interessanter!)
Niet: Google+ (nog te experimenteel, en gaat verliezen van Facebook), Hi5 (gebruik ik nauwelijks), Xing (heeft als zakelijk netwerk verloren van LI), Hyves (was al voor privé, is verworden tot kinderen-voor-kinderen-kanaal).

Meer lezen?

http://www.hnwb.nl/ (blog over Het Normale Werken)

http://www.digitalaction.nl/2010/12/we%E2%80%99re-starting-a-movement-%E2%80%9Cwe-quite-mail%E2%80%9D/ (over We Quit Mail)

Zes tips voor een goede webtekst

september 13, 2011

Wie veel voor het web schrijft, kent de basisregels wel. Kort houden, koppen maken, de juiste trefwoorden. Een recent artikel van Mashable geeft voor een aantal van die regels ook de onderbouwing.

Tip 1: Houd het kort

Internet-bezoekers lezen hoogstens 28% van de tekst. In een paar seconden gaan ze snel door je pagina en besluiten ze of ze doorlezen of wegklikken. Gebruik dus veel beeld en weinig tekst, vooral op je  homepage. Een hoofdtekst van maximaal 50 woorden, en nog wat teksten van 20-30 woorden bij foto of  thumbnail vind ik zelf goed leesbaar. Laat voor meer tekst doorklikken naar een andere pagina en houd het ook daar bij maximaal 250 woorden. Deze paragraaf is 102 woorden lang. Te lang voor op een startpagina, maar een blog trekt echte lezers, dus dan mag het een onsje meer zijn.

Tip 2: Gebruik kopjes

Je lezers willen makkelijk navigeren, dus zorg voor een goede vormgeving en logische opbouw van je site. Het helpt als je de tekst in blokjes opknipt en pakkende koppen gebruikt. Internet-gebruikers lezen nl. in blokken en brokken, blijkt uit onderzoek. Onze ogen  gaan van links naar rechts en in een F-vorm over de pagina. Vormgevers houden daar rekening mee: headings zijn niet voor niets vaak paginabreed. Op onze eigen website www.triggerfilm.nl kiezen we voor een simpel menu bovenin. We houden het expres sober zodat de 3 videoplayers opvallen. Per slot van rekening is film onze business.

Tip 3: Pak ze meteen

Als we snel een pagina scannen, lezen we de eerste woorden van een paragraaf, kop of link. Zorg dus dat die woorden krachtig zijn. Grijp je lezer bij de kladden met lekkere woorden (zoals lekker, en kladden). Ook lekker:  toefje, of desalniettemin. Mooie worden volgens Onze Taal: http://onzetaal.nl/dossiers/dossiers/mooie-woorden/

Tip 4: Wees ritmisch


Ritme lijkt meer iets voor drummers, maar geldt ook voor tekstwerk. Wissel korte en lange zinnen af. Bouw een mooi ritme op. Wees stylish. Na deze korte zinnen volgt dus weer een langere zin, in dit geval met bijzin. Zo’n ritme leest lekker.

Tip 5: Gebruik de juiste trefwoorden

Gebruik de trefwoorden waarop jouw lezers je kunnen vinden en gebruik die zoveel mogelijk. Dan scoort jouw site bij de zoekmachines. In de titel van deze blog had ik liever het (lekkere!) woord “wenken” gebruikt i.p.v. “tips”. Maar mensen zoeken op het woord “tips”, dus als ik gelezen wil worden gebruik ik het afgezaagde “tips”.

Tip 6: Neem een tekstschrijver

Bij voldoende pecunia: huur een tekstschrijver in. Lekker bekkende teksten schrijven is echt een vak. Juist omdat je korte teksten moet maken is vakmanschap vereist, want hoe korter de tekst, hoe moeilijker.

Artikel Mashable: http://mashable.com/2011/09/12/website-usability-tips/

Tablet gaat mee naar het toilet

juni 7, 2011


Verschillende mediavormen naast elkaar (multimedia) of actief naar elkaar verwijzend (crossmedia) zijn van alle tijden, maar ik voel het aan mijn water: de toepassingen gaan explosief groeien. En worden dus een belangrijke markt voor makers die zelf kunnen schrijven, filmen én fotograferen. Ik weet het: er is niks gemakkelijker dan weer een hype of techno-revolutie te duiden, want je wordt er achteraf toch niet op afgerekend. Toch: de opkomst van tablet, digizine en apps, in combinatie met goedkope camera-technologie en krappe budgetten, zal crossmedia-opdrachten opleveren.

Sweep

De tablet is een belangrijke gangmaker. Tablets zijn immers een prima overbrugging tussen het lean back van televisie (passief, kijken) en het lean forward van de computer (actief, klikken). Vroeger keek je televisie en vond je de verdieping bij het programma op een website. Of je las een artikel en kon meer zien in een webfilm. In beide gevallen moest je opstaan, de computer aanzetten en zoeken. Op je tablet zet je programma of artikel stop en gaat met één sweep (nee: niet wild met je tablet schudden!) door naar verdiepende informatie. Niet alleen fijn voor voorlichters, ook marketeers likkebaarden, want lean forward-apparaten brengen de klik naar een gift of aankoop dichterbij. Gemak dient nog steeds de mens, dus gaan tablet (en trouwens ook internet-tv) een mooie toekomst tegemoet.

Gastjes

Dan de technologie. Professionele filmers en fotografen worden geconfronteerd met een leger nieuwe concurrenten. Apparatuur wordt steeds beter en goedkoper, leek en semi-prof draaien ook op HD, en steeds meer jonge gastjes monteren op zolderkamers videoclips. De profs hebben natuurlijk nog steeds hun ervaring en vakmanschap om in de strijd te gooien. Dat roepen we ook heel luid met zijn allen. Maar een lage productieprijs blijft een ernstige concurrent.

Dus?

Tijd dus voor slimme oplossingen. Die vinden makers tegenwoordig in een interactieve mix van mediavormen. Fotografen die opdrachten bij de krant zien slinken halen nu geld op met apps die verwijzen naar multimedia-websites (bijv. Kadir van Lohuizen op Vía PanAm). Volop in ontwikkeling: app-based fotoreportages en documentaires die je op je scherm kunt stoppen om te switchen naar andere mediafuncties zoals chatten, foto/film bekijken, of informatie zoeken. Een mooi voorbeeld is de webdocumentaire Prison Valley. De VPRO stopte onlangs 2 ton in haar iPadTouchDoc Money & Speed. Een vergelijkbare vorm zullen we ongetwijfeld snel terugzien op tv, naar verluidt rond een reisprogramma met Brandt Corstius.

Pionieren

Sanoma Media is pionier in de Nederlandse app-markt en experimenteert o.a. met apps voor Viva, nu.nl en Autoweek. Ze zijn daar tevreden over hun inmiddels 2 miljoen downloads sinds jan 2010; vooral de app voor nu.nl loopt goed. Met de digitale bladen is het nog afwachten: trouwe bladenlezers willen geen uitgeklede versie van hun blad. Wel nieuwe formats, aldus Sanoma-ontwikkelaar Kienhuis, die in mei (Cross Media Café) ook nog een paar aardige feiten debiteerde: de Ipad wordt door 54% van de gebruikers meer dan een uur per dag gebruikt. Vooral ’s avonds op de bank, maar de helft neemt de tablet mee naar bed en een kwart naar het toilet..

Slimme meid = voorbereid

Al dat soort arty toepassingen zijn ook heel goed bruikbaar in voorlichting en promotie, het terrein waar ik de kost verdien. Je vakmanschap moet dan blijken uit het slim combineren van tekst, foto en film. Verdieping en uitleg via tekst en graphics, emo en mensen in je filmpje, panoramafoto als omlijsting. Dat werk. Dus bereid ik me actief voor op een rich media-toekomst. Meer zelf draaien, met een handzame interviewset en een spiegelreflex-met-film voor de filmische plaatjes. Maar met apparaten alleen kom je er niet. De juiste info op de juiste plek vraagt om journalistieke vaardigheid. Om doseren, om kill-your-darlings. Zodat de arme kijker niet verzuipt in de informatie.

Meer lezen?

Mediadistributie via apps te duur? (blog Jan Jaap Heij)

De website kan de deur uit (blog Bureau Arnhem)

Online magazines:

Rederij Doeksen

Ifly magazine

Douwe online

Ben jij een actieve twitteraar?

juni 6, 2011

Burgerlijk

“Wat Twitter jij veel”, kreeg ik toegeworpen door een oud-collega. Huh? Valt wel mee, vind ik. Twee berichten per dag, 30 per maand gemiddeld. Té veel vind ik namelijk heel irritant, tenzij je écht interessant of heel grappig bent (een AlexanderNL, een Koningin_NL). Zo ben ik een fan van de humor van Sylvia Witteman – ik verzin dit niet – maar zij scheidt op Twitter vooral burgerlijkheden over eten en winkelen af. UNFOLLOW ligt op de loer.

Lurkers

De meeste Twitteraars zijn lezers, geen plaatsers. De zogeheten lurkers, meelezers die zelf weinig tot niets plaatsen. Hoe doe ik het zelf? Ik kom in ieder geval boven de 5 tweets per maand, en dan ben je een actieve tweep in de terminologie van Twirus (onderzoek febr. 2011: http://nl.twirus.com/details/blog/672/). Met 10 tot 100 volgers ben je een gemiddelde Twitteraar. Op twirus.nl vind je overigens ook dagelijkse trending topics.

Cijfertjes

De statistieken van mijn account er maar eens op nageslagen bij Xefer.com/twitter (heel snel), Tweetstats.com (wachtrij van een kwartier) en Crowdbooster.com (aangemeld, nooit meer iets gehoord). Zo vind je gegevens over je favoriete contacten, en wanneer je het meeste tweet. De statistici zijn het er niet geheel over eens, maar ga er bij mij rond de lunch of in de vooravond maar voor zitten. De zondagmiddag is favoriet. Dat klopt, want dan wil ik nog wel eens losgaan met sociale media en kranten.

Hashcloud

Een mooi inzichtje in je mediavoorkeuren geeft de hashcloud van Tweetstats. Mijn ‘hekjewolk’ziet er zo uit:

#1vandaag #2nummersverder #7miljoenjaartwitter #alstmaargeluidmaakt

#arnhemsebus #beetjevroeg #bellicher#blauwbloed

#boomsma #bso #circuittraining #cka #ditdoeiknouindeauto

#ditverzinikniet #ducati #eurosong #eurosport

#galeriezevenzomers #gldstemt #gouwzee #gratisovgld #greenpeace

#haha #hier #hoefakkers #hogedrukspuit  #hoteldulac #htc

#ikverzinditniet #ingelderland #ipad #jeugdsentiment #khadaffi

#kion #komkommer#laatwoutertniethoren #lijsttrekkersdebat

#maffesjaaltjes #max #mentzel #merkengezeik #messi #milieudefensie

#minderboeiendeboeken #minderboeiendetweet #mladic #msc #natuurijs

#natuurverdubbelaar #nijmegen #nrc #oman #omroepgelderland

#potloodventer #powned #recept #rtvgelderland #samson #savetigersnow

#schaatsen #schaatsforum  #smc024 #songfestival #tablet #tegenlicht

#trillemientjes#tvgld#vk#reizen #vrouwenvoetbal #watertafel #wetlandsint

#wilders #wnfnederland #zatikmaaropmijnducati #zinin

Blij met de “Waarom?”-bordjes.

april 20, 2011

Bordjesman

Wij beeldmensen zijn blij met Timo, beter bekend als de “bordjesman”. Al zeven jaar trekt de Duitse Timo Tasche (foto) naar plekken waar zich drama’s hebben voltrokken en plaatst er zijn “Warum?”-borden. Goed gekozen achtergrondthema van de Volkskrant (11/4):  http://goo.gl/Ggb2a.

Blikvanger

Zo’n tekst is een blikvanger. Tussen de voorspelbare shots van kaarsen en bloemen en treurende mensen bij kaarsen en bloemen hebben we daar opeens een tekst: Waarom? Warum? En dan ook nog in kleur geschreven, visueel nóg krachtiger. Past mooi bij de rode kaarsjes, Timo!

Blikvangers zijn belangrijk in beeld. In zo’n foto trekt je blik meteen naar het bord:

Dat geeft rust in het beeld, en dat vindt ons oog fijn.

Inhoud

Het beeld wordt extra krachtig doordat het de basisvraag verwoordt die vlak na een dergelijk drama speelt. Als we nog niks weten van de dader en zijn motieven. Timo speelt daar ook op in door altijd zo snel mogelijk op het plaats-delict te zijn. Om vervolgens voor de buis van zijn 15 minutes of fame te genieten, vermoed ik.

Verrassen

Filmmakers passen het principe net zo toe: gesproken tekst kun je versterken door een paar woorden in beeld te plaatsen. Veel te vertellen? Denk eens aan een news-ticker, zo’n balk met lopende tekst onderin. De allermooiste variant vind ik motion tracking, een vorm die ik helaas nog zelf niet hebben kunnen inzetten. En alleen van horen zeggen ken.

3D-effect

Motion tracking is een effect in 3D (in dit geval, tekst)  dat letterlijk met het beeld meebeweegt. De tekst verklaart, bespiegelt, vult aan. Een verrassend alternatief voor die oh zo saaie voice-over, en eentje waar je mee kunt spelen. Filmtaal is al behoorlijk uitgekauwd, dus voor je het weet maak je steeds dezelfde dingen.  Ik wacht nog op de opdracht die zich leent voor zo’n aanpak. En kijk ondertussen naar een voorbeeld, (deel van) de indrukwekkende documentaire “Operation Homecoming” (Richard Robbins, 2007).


Follow

Get every new post delivered to your Inbox.